Home Apen-ABC Ringstaartmaki

Uiterlijk

Ringstaartmaki’s herken je aan hun opvallende, zwartwit-geringde staart. Die staart helpt de ringstaartmaki’s om hun evenwicht te bewaren. Maar ook om elkaar te laten weten waar ze zijn; ze gebruiken het als een soort vlag die ze boven hoge grassen uitsteken. Ringstaartmaki’s hebben geurklieren op hun billen, polsen en onder hun oksels. Met geuren laten ze sporen voor de andere dieren achter. Zo laten de ringstaartmaki’s bijvoorbeeld weten wat hun gebied is. Bij de mannen zit op elke polsklier een soort hoorn waarmee ze de geur diep in de bast van bomen kunnen kerven.

Ringstaartmaki’s zijn halfapen. Ze hebben een lang en spits gezicht met een zwarte natte neus. Ook staan hun ogen recht naar voren. Ook opvallend is het gebit van ringstaartmaki’s. Hun onderste tanden staan iets naar voren en naar elkaar gebogen, waardoor het een soort kammetje is. ze gebruiken die ‘poetskam’ dan ook om elkaars vacht te verzorgen en sociale contacten te onderhouden. Dit doen ze trouwens ook met hun ‘toiletnagel’; de nagel aan de tweede teen van hun voet.

Leefgebied

Ringstaartmaki’s leven in het wild op het Afrikaanse eiland Madagaskar. Daar leven ze in verschillende soorten bosgebieden.

Leefwijze

Ringstaartmaki’s leven in vrij grote groepen van zo’n 10 tot 30 dieren. De vrouwen zijn er de baas. De meeste mannen leven wat meer aan de rand van de groep.

Gedrag

Ringstaartmaki’s zijn vooral overdag actief. Ze brengen vrij veel tijd op de grond door. Het zijn echte zonaanbidders. Daar gaan ze graag voor zitten, met hun armen gespreid en hun gezicht naar de zon toe. Zo warmen de ringstaartmaki's zich op na een koude nacht. Inmiddels weten we ook waarom ze deze specifieke houding aannemen. De vacht van ringstaartmaki's in aan de binnenkant van hun armen en op hun buik niet zo dik. Hun huid is op deze plekken vrij dun. De ideale plek dus om de zonnewarmte door te laten dringen!  

Ringstaartmaki’s communiceren met geuren met elkaar. Die laten ze achter op boomstammen, struiken en takken. De geur kan wel een week blijven hangen. De geur vertelt iets over de leeftijd en het geslacht van de dieren. Maar ook of ze bijvoorbeeld willen paren. Daarnaast hebben ringstaartmaki’s verschillende geluiden waarmee ze elkaar dingen duidelijk maken. Het meest bekende geluid lijkt een beetje op het gemiauw van een kat.

Voortplanting

Ringstaartmaki-vrouwen zijn maar eens per jaar heel kort vruchtbaar. De mannetjes houden dan stinkgevechten met elkaar. Ze wrijven hun staart in met hun geur en trillen ermee naar de tegenstander. De winnaar mag met het vrouwtje paren. In de periode dat alle baby’s worden geboren, zijn de vrouwtjes vaak enorm kattig tegen elkaar. De vrouwtjes dragen hun jongen eerst op hun buik. Al na ongeveer twee weken verhuist het jong naar haar rug en maakt het kleintje al zelf wat uitstapjes. De hele groep helpt mee met de zorg voor de kleintjes. Na zo’n vijf tot zes maanden zijn de baby’s behoorlijk zelfstandig. Als ze twee jaar oud zijn, zijn ze geslachtsrijp. De vrouwen blijven hun hele leven in de groep bij hun moeder. Maar ze moeten wel vechten voor hun positie. De mannetjes verlaten de groep na ongeveer twee jaar.

Situatie in het wild

Het leefgebied van de ringstaartmaki’s is in gevaar. Steeds meer bossen waar ze leven, worden gekapt. Ook wordt er op de maki’s gejaagd voor hun vlees. Daardoor zijn de ringstaartmaki’s een bedreigde diersoort.

In Apenheul

De ringstaartmaki’s in Apenheul lopen los tussen de bezoekers. Je vindt ze in het Madagaskargebied, waar ze samen leven met andere loslopende (half)apen.

Fokprogramma

Apenheul is onderdeel van een fokprogramma voor ringstaartmaki’s. Door samen te werken met andere dierentuinen, blijven er genetisch gezonde groepen ringstaartmaki’s in dierentuinen bestaan.

Leuke weetjes

  • De ringstaartmaki’s in Apenheul lopen los tussen de bezoekers. Hun gebied is vrij groot en je kan ze dan ook overal tegenkomen: op zonnige plekjes, tussen de bamboe, op daken… Gelukkig herken je ze tussen het groen vrij snel aan hun opvallende staarten.
  • In Apenheul komt er om de drie jaar een nieuwe fokman naar het park die met de vrouwtjes mag paren. Zo voorkomen we inteelt in de groep. Deze man heeft het grootste deel van het jaar niet zoveel te vertellen.
  • Volgens de boeken heeft elke ringstaartmaki 13 zwarte ringen op zijn staart. Probeer ze maar eens te tellen!