Home Apen-ABC Doodshoofdaap (Boliviaanse)

Uiterlijk

Doodshoofdapen hebben hun naam te danken aan de tekening in hun gezicht. Die lijkt een beetje op een schedel, met een donkere vlek rond hun mond en lichte kringen rond hun ogen. Ook herken je de doodshoofdapen aan hun donkere 'petje' op hun hoofd. Hun vacht is geel, met grijze stukken op hun schouders. Hun lange, gele staart gebruiken ze om hun evenwicht te bewaren. Verder hebben doodshoofdapen geurklieren op hun borst, bij hun geslachtsdelen en bij hun anus. Daarmee laten ze hun geur achter op takken en bomen. Zo maken ze andere doodshoofdapen bijvoorbeeld duidelijk wat hun gebied is.

Leefgebied 

Boliviaanse doodshoofdapen leven in het wild in Bolivia, Peru en Brazilië (Zuid-Amerika). Daar leven ze in de tropische regenwouden en mangrovebossen.

Leefwijze

Doodshoofdapen zijn sociale dieren. Ze leven in grote groepen van 20 tot wel 100 dieren. Zo’n grote groep bestaat weer uit verschillende subgroepen met moeders, zussen, dochters en kleindochters. Er heerst een duidelijke rangorde in elke subgroep. Eén volwassen vrouwtje is de baas. De plaats van de andere dieren in de groep wordt bepaald door hun karakters en het aantal kinderen dat een vrouwtje heeft. De mannen hebben over het algemeen niet zoveel te vertellen. Zij leven vaak op wat meer afstand van de groep. Ze gaan op onderzoek uit bij gevaar en waarschuwen de rest. Alleen in het paarseizoen zijn de rollen omgedraaid: dan stijgen de mannen in rangorde en mogen ze volop met de vrouwtjes paren.

Gedrag

Doodshoofdapen gebruiken zo’n 20 verschillende geluiden om met elkaar te communiceren. Dit klinkt een beetje als het getjilp van vogels. Ook gebruiken ze allerlei gezichtsuitdrukkingen om elkaar dingen duidelijk te maken. Verder communiceren doodshoofdapen met geuren. Hiervoor gebruiken ze de geurklieren op hun lichaam. Door bijvoorbeeld met hun borst tegen objecten aan te wrijven, laten ze hun geur achter. Doodshoofdapen doen ook aan ‘urinewassen’: ze smeren hun handen en voeten in met urine en laten die geur vervolgens achter op takken en bladeren.

Voortplanting

Doodshoofdapen kennen een duidelijk paarseizoen. Dat vindt meestal in de herfst plaats. De volwassen mannetjes groeien dan in korte tijd heel snel. Ze slaan water op tussen hun spieren, waardoor het echte bodybuilders worden met flinke schouders. Ook geven ze een speciale geur af. Dat vinden de vrouwtjes heel aantrekkelijk. Vervolgens wordt er volop gepaard. De baby’s worden meestal in de lente en in de zomer geboren. En het zijn niet de lichtste baby's: ze wegen bij de geboorte al zo’n 100 gram. Een volwassen vrouwtje weegt zo'n 700 gram. Vergelijk het dus maar eens met een mensenmoeder die een baby van tien kilo krijgt! Voor de moeders is het dus best zwaar om de kleintjes steeds met zich mee te dragen. Zij dragen hun kinderen dan ook op hun rug. En andere zussen, tantes en oma’s in de groep passen ook weleens op. De mannen bemoeien zich niet met de opvoeding. Na een paar weken al zetten de kleintjes hun eerste stapjes. Ze drinken nog tot zo’n zes maanden bij hun moeder. Na een jaar zijn ze zelfstandig en na ongeveer drie tot vier jaar volwassen. De volwassen mannen verlaten hun geboortegroep. De volwassen vrouwtjes blijven in de groep waar ze zijn geboren.

Situatie in het wild

Boliviaanse doodshoofdapen worden in het wild niet bedreigd. Maar er verdwijnen wel grote stukken van hun leefgebied door boskap.

In Apenheul

De doodshoofdapen in Apenheul lopen los tussen de bezoekers. Het is een grote groep apen, die uit verschillende subgroepen bestaat. Hoe groter de subgroep, hoe meer macht deze heeft. Ook in Apenheul is dat duidelijk te zien. In Apenheul leeft de grootste groep doodshoofdapen van alle dierentuinen. En binnen Apenheul is het de grootste groep apen die je in het apenpark kan bewonderen.

Fokprogramma 

Apenheul is onderdeel van het Europese fokprogramma (EEP) voor Boliviaanse doodshoofdapen. Samen met andere internationale dierentuinen houden we zo genetisch gezonde populaties doodshoofdapen in stand.

Leuke weetjes

  • Het leven in een grote groep heeft best veel voordelen. Samen sta je bijvoorbeeld sterker tegen vijanden. In zo’n grote groep zijn er heel veel ogen die goed opletten.
  • Doodshoofdapen zijn een groot deel van de dag druk bezig met eten zoeken. Razendsnel vangen ze insecten, kleine krabben en kikkers met hun handjes. Ook keren ze de blaadjes om, om te kijken of er nog iets lekkers achter zit. Slim!